|
A|B|C|D|E|F|G|H|I|J|K|L|M|N|O|P|Q|R|S|T|U|V|W|X|Y|Z
A
Aura,
kortdurende
gedragsverandering die
vlak voor de werkelijke
aanval
plaatsvindt.
C
CT-scan,
computertomografie.
E
ECG,
electrocardiogram.
Een hartfilmpje waarbij
de electrische
aktiviteit van de
hartspier wordt
gemeten.
EEG,
electro-encefalogram.
Onderzoek waarbij de
electrische aktiviteit
van het hersenweefsel
wordt
onderzocht.
H
Hepato-encephalopathie,
disfunctie van
de hersenen als gevolg
van een niet goed
functionerende
lever.
I
Ictus,
onderdeel van een
epileptische aanval,
waarin de tonic en
clonic fase optreden,
o.a. bestaande uit
verkrampen van het
lichaam en het bewegen
van de poten.
K
Keto-acidose,
wanneer de
dagelijkse
koolhydraatinname wordt
verminderd tot onder de
20 tot 50 gram, en de
hoeveelheid vetten
drastisch wordt
verhoogd, maakt het
lichaam ketonen aan die
vervolgens als brandstof
dienen voor o.a. een
deel van de hersenen.
Bij kinderen blijkt dit
tot vermindering van
epileptiforme aanvallen
te leiden.
L
Liquorpunctie,
via een naald
aftappen van heldere
vloeistof uit het
ruggenmerg voor
onderzoek.
O
Opisthotonos,
Krampachtig
achterovergebogen
lichaamshouding.
P
Postictale
fase, de
afsluitende periode van
een epileptische aanval,
waarin de hond o.a. wat
verward is.
Primaire
epilepsie,
epileptische
aanvallen zonder
aanwijsbare oorzaak. Ook
wel genoemd idiopatische
of echte
epilepsie.
Prodrome,
startfase van een
epileptische aanval,
waarin opgenomen de
aura.
S
Salivatio,
speekselen.
Secundaire
epilepsie,
epileptische aanvallen
met aanwijsbare oorzaak,
veelal veroorzaakt door
een onderliggende
oorzaak.
|